Op bezoek in het 'CATHLAB'

Jouw zorg

Zorgen voor anderen: bestaat er iets mooiers? Elke dag geven ouders, grootouders, mantelzorgers en professionelen het beste van zichzelf. Soms in moeilijke en ondankbare omstandigheden, vaak zonder voldoende erkenning en het nodige begrip. Dit is een eerbetoon aan al wie zorgt. Want een wereld zonder miljonairs draait gewoon verder, een wereld zonder verpleegkundigen draait in de soep. Door Karin Jiroflée en Hannelore Goeman.

Op bezoek in het 'CATHLAB'
2018-10-10

Om 8.30 uur loop ik de hoofdingang van het Imeldaziekenhuis in Bonheiden binnen. Werken zijn aan de gang, het ziekenhuis wordt uitgebreid, zoveel is duidelijk. Ik word de weg gewezen naar de afdeling “cardiale labo en dienst hartcatherisatie”, kortweg Cathlab, een onderafdeling van cardiologie.

Mijn toffe vriendin Tine uit Haacht, die verpleegkundige is, maakt me wegwijs in de wondere wereld van de high tech geneeskunde, althans zo bekijk ik deze afdeling. Wat een verschil met de zorgen, die thuisverpleegster Patricia toedient aan haar dagelijkse klanten, denk ik meteen. Ook hier zijn verpleegsters aan het werk, maar het is amper te vergelijken met wat Patricia doet. Al is het ene even veel waard als het andere, het is een compleet verschillende wereld. In de afdeling is het dragen van een mondmasker, hoofdbescherming en een steriel hemd verplicht.

Twee operatiekamers worden van elkaar gescheiden door een soort “controlekamer”, waar een 7-tal computerschermen staan opgesteld, en waar verpleegkundigen de operaties in de gaten houden. Tal van onderzoeken, specifiek voor het hart, worden hier verricht. Vandaag zal ik een hartcatherisatie live en van dichtbij meemaken. Maar eerst word ik nog voorzien van een loden schort en halsbescherming, noodzakelijk voor de bescherming tegen de röntgenstraling.

De operatie wordt voorbereid door Tine en haar collega’s, die steriele operatiekits openen en klaarleggen voor de chirurg. Bij de patiënt wordt ter hoogte van de lies een “sheath” (buisje) geplaatst in een slagader. Langs daar wordt een bijzonder smal buisje ingebracht, een katheter. Via deze katheter spuit de chirurg een contravloeistof in de kransslagader en kunnen opnames worden gemaakt.

Op het grote scherm in de operatiekamer toont de chirurg me precies waar de vernauwing zich bevindt, en gaat hij over tot de volgende stap in de operatie. Ondertussen volgt een derde verpleegkundige in de “controlekamer” alles op en noteert precies wat er gebeurt en welk materiaal er wordt gebruikt.

De chirurg brengt een nieuwe katheter in, die wordt aangegeven door Tine en haar collega. Deze nieuwe katheter bevat een ballonnetje en een stent. Het ballonnetje wordt opgeblazen ter hoogte van de vernauwing, de stent wordt geplaatst en die zet zich uit. De stent wordt tegen de aderwand gedrukt en vormt een steunconstructie die de ader open houdt. De hele operatie neemt een klein uur in beslag, maar ik laat me vertellen dat het soms veel sneller gaat. Maar de patiënt was zenuwachtig en vrij onrustig, wat de werkzaamheden niet heeft vergemakkelijkt.

Na de ingreep neem ik verbluft afscheid van Tine en haar collega’s. De moderne wetenschap staat voor niets, denk ik bij mezelf. High tech artsen, high tech verpleegkundigen. Op minder dan een uur tijd, en met plaatselijke verdoving, wordt hier een man bevrijd van zijn hartklachten. Nog niet zo heel lang geleden zou dit ondenkbaar zijn geweest.

Karin