
Haacht, Keerbergen en Kortenberg slaan de handen in elkaar en richten een intergemeentelijke preventiedienst op. Daarvoor krijgen ze steun van de provincie. Op 7 november tekenden de verschillende partners een overeenkomst. Voor kleine gemeenten is het immers onbegonnen werk om zelf een preventiewerking op te zetten. De provincie geeft daarom subsidies aan gemeenten die samen een alcohol- en drugbeleid willen uitbouwen. Een formule die in de voorbije jaren haar nut ruimschoots bewees.
Tot 2006 hadden slechts 9 Vlaams-Brabantse gemeenten een eigen preventiedienst. In het arrondissement Leuven waren dat Aarschot, Diest, Leuven, Scherpenheuvel-Zichem en Tienen. Te weinig voor een structurele aanpak van het drugprobleem. Dankzij provinciale subsidies zijn er ondertussen 6 intergemeentelijke drugpreventiediensten, waarvan 2 in het arrondissement Leuven. Een voor Begijnendijk, Rotselaar en Tremelo, een andere voor Boortmeerbeek, Haacht en Keerbergen. Maar in 2012 besliste Boortmeerbeek om uit het project te stappen. Gelukkig vonden Haacht en Keerbergen een nieuwe partner: Kortenberg.
De 2 preventiediensten in de regio Leuven bedienen samen bijna 90.000 Vlaams-Brabanders. Voor de hele provincie stapten 23 gemeenten - goed voor 250.000 inwoners - in zo’n samenwerking.